Margniaal juni: De vuvuzela en het Bavariameisje
De vuvuzela en het Bavariameisje
Er was eens een sprookje dat maar geen waarheid werd. Weer zou Nederland op grootse wijze wereldkampioen worden. Wederom zal het een totale misvatting blijken te zijn. De tijd zal het ons leren. Het oranjegekleurde Bavariameisje zal nog het meest in het collectieve geheugen van de wereld blijven nasidderen. Immers, kortgerokt, goedgemutst en uitzonderlijk gedecolleteerd zijn verworvenheden die de modale primaat der voetbalproleten wel willen behagen. Yolanthe en Sylvie zullen stiekem misnoegd zijn over de geringe aandacht voor hun pluspunten.
Slechts het geluid van de vuvuzela, de onuitwisbare gehoorschade die het aan de wereld heeft toegebracht, zal nog lang na ebben. Waarom is het aloude middel van de spiegeltjes en kraaltjes niet aangewend om de autochtone blazers ertoe aan te zetten hun apparaat thuis te laten? Ook binnen de Nederlandse fans is het blaasinstrument populair aan het worden. De eerste Nederlandse vrouwelijke fans, gehuld in het kokette rokje van Bavaria -goede marketeers maar het bier blijft niet te zuipen- zijn reeds gespot met een vuvuzela in de mond. Ach, Nederlandse stadions, hoed u straks voor deze “Deci-dellen!”
Tijdens deze actuele strapatsen word ik geacht een evaluatie van het verleden seizoen op te rispen? Ik dacht het niet. Daar zijn commissies, trainers en notabele bestuurders voor. Ik beperk me tot mijn subjectieve perceptie van het verleden. Immers, ik schrijf altijd mijn eigen waarheid. Voor het leukere en betere korfbal moest ik buiten de deur eten, hetgeen nauwelijks een verwijt mag heten. Weidevogels speelt nog niet in de hoogste klasse. Ergo; logisch.
Het eerste deed het in de zaal naar behoren, maar was op het veld een modale derdeklasser. Het tweede behield twee maal zijn plek in de tweede klasse, wat met name op het veld dankzij een ontsnapping gelukte, die de allure had van Houdini. De jeugd presteert crescendo. Daar mogen we onze hoop op richten. De generatie die er aankomt bevat potentiële korfbalparels. Hopelijk lukt het met deze talenten binnen een aantal jaren eindelijk eens met het eerste weer wat furore te maken.
Goede trainers, goede begeleiding, zo hoog mogelijk spelen en de weerstand zo groot mogelijk zien te maken zijn van eminent belang. Desnoods jeugdigen zo snel mogelijk omhoog schuiven. Daar word je op de lange termijn alleen maar beter van. Tenslotte constateer ik, dat er hier en daar wel wat gehamerd mag worden op de discipline. Zonder stringente discipline behaal je binnen de sport geen successen. Vraag het topcoach Tom Boot maar eens.
De laatste wedstrijd die ik zag was er een van Dubbel Zes, waar onze technisch directeur nog trainer was. Tegen het studententeam Melmac uit Tilburg, waar oud-Weidevogel Ymke Huisman speelde, dolf de Haagse vierdeklasser het onderspit in een spannende kampioenswedstrijd. Niet goed; wel boeiend. In de laatste minuut viel de beslissing dankzij een curieus doelpunt dat even zo goed afgekeurd had kunnen worden. Jammer voor Jeroen en Dubbel Zes, leuk voor Ymke.
Ik zou de hele zomer de jeugdselecties en –leden de mogelijkheid geven om één avond per week door te trainen. Met name voor jezelf schieten leidt tot een significante verbetering van het schot. We hebben de accommodatie, dus waarom niet deze facultatieve mogelijkheid bieden? Omdat we Weidevogels zijn en willen blijven? Ware ik nog jong en kansrijk, dan zou ik er elke week die ik niet weg was geweest, gestaan hebben. Ik had de illusie nog gehad om de top te bereiken. Ik wel. Weidevogels ook?
Plezante vakantie.
© Simon Trommel.
Juni 2010